Nieuws van Protestantse Kerk in Nederland


08/17/2018 06:05 AM
'Geloof jíj in God?'
"Ben jíj christelijk? Ik zie het haar denken, de moeder van het meisje op wie mijn zoon verliefd is." Rebecca Schoon, voortrekker van pioniersplek De Hoeftuin in Utrecht, leert steeds meer om zichzelf te blijven als mensen verbaasd zijn over haar geloof. Maar het blijft spannend.

Ben jíj christelijk? Ik zie het haar denken, de moeder van het meisje op wie mijn zoon verliefd is. We staan op het schoolplein. Het is weer zo’n ongemakkelijk moment. Ze probeert haar gezicht in de plooi te houden, maar ik zie verbazing, argwaan, teleurstelling. En ik vul in wat ze denkt. Durf ik haar iets te vertellen over mijn diepste zelf?

Ook op de pioniersplek zie ik deze blik regelmatig. Een vader bij de spelinloop die niet weet dat De Hoeftuin een christelijk initiatief is. Of een moeder op de Zindag die over het woord ‘bijbelverhaal’ heen heeft gelezen. Ze kijken me dan aan alsof ze hierheen gelokt zijn om bekeerd te worden, het hol van de leeuw in. 

In de blik van deze moeder lees ik verbazing: ‘Jíj hoort dus niet bij onze groep vrijdenkende, creatieve mensen! Je gelooft in God en Jezus, hoe wereldvreemd is dát?’ Maar ook argwaan: ‘Christenen willen anderen bekeren, daar ben ik niet van gediend!’ En teleurstelling: ‘De kerk dwingt mensen tot bepaalde gedachten, jij conformeert je, bah.’

Ik leer steeds beter om mezelf te blijven, hoewel het spannend blijft. Het enige wat ik kan doen, is mijn eigen verhaal vertellen en de rest bij de ander laten. Bekeren is niks voor mij. Maar in een andere rol dan pionier voel ik me plots zo naakt.

Want het is voor mij iets wezenlijks. Mijn weg is zoekend, vragend, open. Ik leer op die weg over compassie, over dat elk mens er mag zijn, over de Liefde, over vergeving. Ik danste en zong mijn belijdenis: “De liefde die ik heb geleefd, zijt Gij. De droom die ik geweten heb, zijt Gij. Van U de stilte die na woorden komt. Van U de zeeën en de dorst naar U.” (Oosterhuis)

Er zijn genoeg uitzonderingen. Dan vindt een uitgeputte moeder het tof dat de kerk er ook simpelweg wil zijn voor de wijk, zonder een boodschap. Of voelt iemand die gescheiden is zich ineens gezien en is hij verrast dat dit uit christelijke hoek komt.

Op het schoolplein zuchten we beiden opgelucht als we worden onderbroken door een krijsend kind. De moeder komt er niet meer op terug. Ach, ik hoef niet elke dag in mijn nakie te staan.

- Rebecca

In het magazine Petrus schrijft Rebecca Schoon over haar ervaringen als pionier in Leidsche Rijn in Utrecht. Meer lezen? Neem dan een gratis abonnement via www.petrusmagazine.nl.

Foto: Xander de Rooij


08/16/2018 08:59 AM
Nieuwe 'Samenleesbijbel Junior' uitgebracht
Voor ouders met jonge kinderen is er vanaf deze week de Samenleesbijbel Junior, een bijbel om samen met kinderen van 5-7 jaar in te lezen. Deze kinderbijbel met 30 bijbelverhalen is een initiatief van het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) in samenwerking met de Protestantse Kerk in Nederland.

De Samenleesbijbel Junior is een vervolg op de Samenleesbijbel uit 2015, waarvoor grote belangstelling bestaat. Deze bijbel nodigt (groot)ouders uit om met hun (klein)kinderen van 8-12 jaar in gesprek te raken over de Bijbel met behulp van gespreksvragen, doe-opdrachten en drie leesroutes. ‘Van ouders kregen we de vraag of we ook voor jongere kinderen zo’n bijbel konden maken’, zegt NBG-directeur Rieuwerd Buitenwerf. ‘Met deze junior-uitgave kun je al vroeg met kinderen in gesprek gaan om samen te ontdekken wat die oude, soms moeilijke maar altijd inspirerende bijbelverhalen te zeggen hebben.’

Ontdekkingsreis

De Samenleesbijbel Junior blijft dicht bij de Bijbel en sluit aan bij de verschillende leervoorkeuren van kinderen. Ouders en kinderen maken in 30 stappen een ontdekkingsreis door de Bijbel. Elke stap is een bijbelverhaal, bekend (het begin van de wereld, Noach, Pasen) of minder bekend (een psalm, Jesaja, een brief van Paulus). Bij elke stap staat een stukje van het bijbelverhaal afgedrukt uit de Bijbel in Gewone Taal. Verder is er een hervertelling – met een passage die kinderen vanaf 6 jaar zelf kunnen lezen – een weetje of een lied, een gespreksvraag en een doe-opdracht.

De Samenleesbijbel Junior is onder andere te verkrijgen bij de christelijke boekhandel en in de webshop van de NGB.

Lees ook:

 


08/13/2018 09:00 PM
Braille in de kerk
Kerken kunnen zelf de liturgie samenstellen voor blinden in de gemeente met behulp van braillemappen. Hoe is het om als blinde een kerkdienst te volgen? Lees hier hoe deze liturgie voor blinden en slechtzienden tot stand komt.

Braillemapjes in de kerk en een gesproken versie van het kerkblad

Nog een paar dagen en dan is het zondag. Voor sommigen wordt de beslissing om ’s ochtends naar de kerk te gaan dezelfde dag genomen, maar voor Chiel is dat niet mogelijk. Want dan wordt meezingen en meelezen wel erg lastig. Chiel is namelijk blind en maakt gebruik van de braillemapjes, die hij op zondagmorgen uit handen van andere kerkleden van de Gereformeerde Kerk Ermelo ontvangt.

Deze mapjes worden de dagen ervoor klaargemaakt, zodra de liturgie bekend is. Uit dikke mappen haalt iemand van de kerk schijnbaar lege, witte pagina’s. Op deze pagina’s staan de juiste psalmen, liederen en Bijbelteksten voor de komende kerkdienst. Voor iemand die kan zien is dit vrijwel onleesbaar, maar iemand die niet of nauwelijks kan zien kan dit wel lezen. Er staan namelijk braillepuntjes op: voelbare puntjes, die met bepaalde combinaties letters en cijfers vormen. Braille is geen taal, maar een lees- en schrijfalfabet. De vingertoppen beweeg je vervolgens over de puntjes, om zo de tekst te voelen en te lezen. Het ziet eruit als een geheimschrift voor iemand die niet weet wat braille is, want brailleteksten hebben meestal geen gedrukte tekst ernaast staan. Dat kan de aandacht trekken van andere kerkgangers. Toch maken Chiel en de andere blinde kerkleden dankbaar gebruik van de braillemapjes en het door Louis Braille ontwikkelde braille-alfabet.

Behalve deze brailleteksten leest Chiel ook het plaatselijke kerkblad in gesproken vorm. Elke nieuwe editie van het kerkblad wordt door iemand van een groepje van vier vrijwilligers van de kerk hardop voorgelezen in een professionele opnamestudio van de CBB, de Christelijke Bibliotheek voor Blinden en Slechtzienden, aan de Paul Krugerweg in Ermelo. Daar lezen vele vrijwilligers in een van de acht studio’s zowel christelijke als algemene boeken, kranten en tijdschriften, die vervolgens op een cd of via streaming te beluisteren zijn door iedereen met een leesbeperking. Na het inlezen van dit kerkblad maken maar liefst tien personen gebruik van deze gesproken versie, waar en wanneer ze maar willen.

Chiel heeft al jaren al een abonnement op de gesproken versie. Hij ontvangt het kerkblad op een daisy cd-rom, een standaard die speciaal voor blinden en slechtzienden ontwikkeld is. De cd gaat in een papieren hoesje op de post, wat handig uitkomt voor Chiel. Hij haalt namelijk de cd uit het hoesje, controleert door hem af te spelen of het inderdaad de nieuwe editie van het kerkblaadje is en typt vervolgens met een brailletypemachine op het papieren hoesje de titel van het blad en eronder de ontvangstdatum. Hierdoor kan hij snel erachter komen wat er in het hoesje zit. Op deze manier brengt hij ook de rest van zijn post en administratie op orde.

Er is ook een vrijwilliger van de kerk die braille kan ‘maken’ met de brailleprinter die aanwezig is in het gebouw. Mocht er bijvoorbeeld een lied op de liturgie staan dat niet in de mappen aanwezig is, dan kan dit ook geprint worden. Als er grotere teksten, boeken, kranten of tijdschriften nodig zijn dan kan dit verzorgd worden door bijvoorbeeld de CBB, die grote drukpersen en brailleprinters heeft staan. Daarmee worden er jaarlijks miljoenen braillepagina’s gemaakt. Dit mag dankzij internationale wetgeving gratis op de post.

Vroeger, voor de komst van cd-roms, stond gesproken lectuur op cassettes. Deze boeken, kranten en tijdschriften in gesproken vorm werden na gebruik teruggestuurd via de post en moesten vervolgens gecontroleerd, teruggespoeld en in de juiste volgorde gezet worden, klaar voor de volgende uitleen. Dat is nu wel anders met gesproken lectuur op cd-roms en via streaming. Ook lectuur in braille werd voordat het uitgeleend kon worden bij de CBB gecontroleerd: zijn alle pagina’s aanwezig en zijn de braillepuntjes in goede staat? Tegenwoordig is deze controle geautomatiseerd. Lezers kunnen vervolgens van de CBB boeken kopen en hoeven ook kranten en tijdschriften niet terug te sturen. Geleende brailleboeken van de organisatie Bibliotheekservice Passend Lezen hoeven ook niet meer terug. Ze belanden uiteindelijk bij het oud papier, waarna er wellicht door recycling nieuwe brailleboeken van worden gemaakt.

Verschillende manieren van ondersteunen

Iemand met een leesbeperking kan dus verschillende manieren van lezen kiezen: lezen met de oren of lezen met de vingertoppen. Of toch met de ogen dankzij grootletter. Chiel geeft de voorkeur aan braille, want daardoor is hij actief aan het lezen en krijgt hij door het verplaatsen van zijn armen ook nog een beetje beweging. Door het lezen van nieuwe woorden in braille kan je zelf ook een woordbeeld vormen, in plaats van dat het alleen een klank blijft. Het voordeel van gesproken lectuur is dat het minder energie kost en dat de handen vrij blijven om andere dingen te doen. Zoals koken en breien. Want Chiel zet zich namelijk ondanks zijn visuele beperking in voor mensen in Oost-Europa door samen met anderen lappendekens te breien.

Met de braillemapjes en de gesproken versie van het kerkblad doet de Gereformeerde Kerk in Ermelo haar best om een toegankelijke kerk te zijn voor blinden en slechtzienden. De CBB helpt haar hierin en kan ook andere kerken helpen met het toegankelijk maken van de Bijbel, psalm- en liedboeken, de liturgie, het kerkblad en bijvoorbeeld de plattegrond van het kerkgebouw.

Braille ook bij u in de kerk? 

Kerken kunnen zelf de liturgie samenstellen voor blinden in de gemeente met behulp van braillemappen. Deze mappen bevatten alle psalmen, liederen en bijbelteksten in braille. Per kerkdienst wordt er een mapje samengesteld met de juiste ingrediënten zodat blinden ook kunnen meezingen en lezen.

Naast liturgie is ook het kerkblad beschikbaar voor blinden of slechtzienden, niet in braille maar in een gesproken versie, op te vragen bij de Christelijke Bibliotheek voor Blinden en Slechtzienden. 

Wilt u meer informatie over hoe uw gemeente blinden en slechtzienden kan ondersteunen? Kijk dan eens op www.cbb.nl en www.braille.nl.

 


08/13/2018 08:25 AM
Kerkendag in Schoonhoven: ongedwongen en laagdrempelig
Eens in de twee jaar houden de kerken in de voormalige classis Gouda een gezamenlijke dag voor kerkenraadsleden uit de Krimpenerwaard en omstreken. De vrij kleine maar zelfstandige kerken in dit landelijke gebied zijn naar elkaar op weg.

Al vroeg op de zaterdagmorgen klinkt er gezang en gelach in het moderne kerkelijk centrum De Hoeksteen in Schoonhoven. Een groep van vijfenvijftig predikanten, ouderlingen, diakenen en kerkrentmeesters uit de Krimpenerwaard, Gouda en Waddinxveen luisteren naar verhalenverteller Kees Posthumus, die op zijn geheel eigen manier enkele Bijbelverhalen ‘hervertelt’. De vreugdevolle zevende dag noemt hij ‘de eerste dans’ en het publiek lacht en zingt uit volle borst mee als Posthumus Heer van de dans (Lied 839) inzet. De sfeer zit er meteen goed in.

Informele ontmoeting

De Krimpenerwaard is een Zuid-Hollands poldergebied. ‘Om de twee jaar houden we hier een kerkendag voor en door de aangesloten gemeenten. Dit jaar is dat vooral de Krimpenerwaard, maar er komen ook mensen uit de bredere classis Gouda’, vertelt Marianne Terpstra, scriba van diezelfde classis. ‘Door middel van informele ontmoetingen willen we de samenwerking tussen de gemeenten versterken, in de hoop dat ze meer met elkaar gaan delen. Het thema vandaag is dan ook Op weg naar elkaar. Tot nu toe lukt het alle gemeenten nog om zelfstandig te blijven, maar ze kampen wel met verschillende problemen, zoals een afnemend aantal kerkenraadsleden en teruglopende inkomsten. Die thema’s komen vandaag in enkele workshops aan bod.’

Kleine kerkenraden

Naast een luister- en een zangworkshop en een les over meerjarenprognoses, is er deze ochtend ook een workshop met de intrigerende titel De kerkenraad mag wel wat kleiner, geleid door de Haastrechter predikant Jaap Huttenga. Tien belangstellenden uit onder meer Lekkerkerk en Moordrecht schuiven aan en delen hun zorgen. De meesten kunnen niet meer voldoende ambtsdragers vinden.
Huttenga blijkt het actuele kerkrecht goed te kennen. Hij legt uit dat het niet meer vereist is dat de meerderheid in het college van kerkrentmeesters ook ouderling is. ‘Bovendien zijn deelambten mogelijk en kunnen ook niet-ambtsdragers taken uitvoeren, bijvoorbeeld pastoraal werk in de wijk.’ Een van de deelnemers vertelt dat veel gemeenteleden huiverig zijn voor de grote vergaderdruk in de kerkenraad. Huttenga geeft de tip om talent binnen de gemeente te respecteren, ook als iemand niet naar vergaderingen wil of kan. ‘Houd bijvoorbeeld een enquête of leg een talentenbak aan. Zoek niet een persoon bij een taak maar een taak bij een persoon.’
Tijdens de lunchpauze toont Heidi van Duuren, scriba van de gereformeerde kerk in Waarder, zich geïnspireerd door de workshop. ‘Wij hebben nu nog voldoende kerkenraadsleden, maar binnenkort stoppen er twaalf. Daar maken we ons best zorgen over. De workshop gaf goede handreikingen over hoe we de kerkenraad anders kunnen indelen en er meer mensen bij kunnen betrekken. Bijvoorbeeld met speciale taakgroepen. We gaan hier zeker mee aan de slag.’

Stenen of pastoraat?

‘Er bestaan veel emoties rond kerkgebouwen. Het gevaar is vaak dat die emoties een te grote rol spelen en dat er spanning ontstaat rond het verdelen van de beschikbare middelen.’ Met die zin opent Gerrit Oosterwijk, beleidsmedewerker ondersteuning van het Classicaal College Behandeling Beheerszaken (CCBB) Zeeland en Zuid-Holland even later de middagworkshop. Het thema is Hoe staan onze gebouwen erbij? Hij noemt het voorbeeld van twee naburige gemeenten die beide moesten bezuinigen. Ze besloten de twee kerkgebouwen te behouden, maar gingen over op een gezamenlijke predikant. ‘Die keuze had misschien wel andersom moeten zijn’, zegt Oosterwijk. Maar gemeenten bezuinigen ook vaak ten onrechte op onderhoud. ‘Een gezonde verhouding is tweeëntwintig procent voor de gebouwen en vijftig procent voor het pastoraat. Maar sommige gemeentengeven aan het laatste vijfenzeventig procent uit, waardoor ze de klem komen te zitten met onderhoud.’
Als Oosterwijk kerkenraadsleden uit Schoonhoven vraagt of zij zichzelf ooit samen zien gaan met de plaatselijke hervormde kerk, antwoordt dominee Chris Koole dat er een historie van conflicten bestaat tussen beide gemeenten. De workshopleider adviseert intensief met elkaar in gesprek gaan. ‘Als één plus één slechts anderhalf oplevert, geeft dat ledenverlies. Daarom is het belangrijk om beide gemeenten er goed bij te betrekken.’

Nieuwe inzichten

Aan het eind van de dag kijkt Henk Schep, ouderling en kerkrentmeester in Schoonhoven, tevreden terug en alvast wat vooruit. ‘Deze workshops leverden me nieuwe inzichten op. Bovendien vond ik het interessant te horen wat ambtsdragers uit andere gemeenten vertellen. Het is goed dat we elkaar in deze ontspannen sfeer beter leren kennen, want in de toekomst zullen we ongetwijfeld meer met elkaar moeten samenwerken.’

Tips:

Tekst: Wieger Favier | Fotografie: Yvonne Brandwijk

Dit artikel komt uit het juli-/augustusnummer van woord&weg. Een gratis proefnummer aanvragen? Mail dan naar wew@protestantsekerk.nl.


08/06/2018 06:52 AM
Mag je alles vragen aan God?
Die vraag stelde Coen Verbraak in het programma ‘Kijken in de ziel’ aan een bevindelijk-gereformeerde dominee, die daar ‘ja’ op antwoordde. Mag je alles vragen? Mag je bidden om regen? Het gebed dat ik schreef vanwege de grote droogte die er heerst in ons land, maakte nogal wat los en laat zien dat mensen in de kerk heel verschillend tegen het gebed aankijken.

Velen waren er blij mee, anderen vonden het een ouderwetse manier van bidden: ‘dit ken ik van vroeger, dit is niet van deze tijd…’

Gebed om zegen

Overigens, wat mij betreft was en is het nog steeds niet een gebed om regen, maar een gebed om zegen, een gebed waarin we ons met alles wat we zijn en voelen en ons zorgen over maken, wijden aan God. Ook dus, ja, met die zorg om de schepping nu de gewassen staan te verdrogen op het land en mensen met een zwakke gezondheid bezwijken onder de hitte en het nodig is met elkaar mee te leven in de zorg die het geeft bij boeren, de zorg die het geeft om ons veranderende klimaat. En ik schat zomaar in dat dit gebed heel anders aankomt in agrarische gebieden, waar mensen de afhankelijkheid van de elementen ondervinden dan in stedelijke gebieden waar het water toch wel uit de kraan blijft komen.

Dit gebed was een momentopname. Ik had wellicht ook wat andere en sterkere accenten kunnen leggen, ik had ons ook kunnen verootmoedigen voor ons aandeel in klimaatverandering; ik had ook kunnen aanvullen dat we in alle extreme omstandigheden ons aan God mogen toevertrouwen, naast droogte ook wateroverlast; ik had het probleem niet alleen voor ons land, maar wereldwijd kunnen benoemen: gemiste regen in ons land geeft immers nog geen hongersnood zoals in Soedan… Tel je zegeningen, zeker…

Ik ben ook eigenlijk wel blij dat dit gebed reacties heeft opgeroepen. Collega’s gaven aan hoe zij dan zouden bidden en dat leverde in de social media nog meer gebeden op, mooi toch? Er wordt weer over bidden gesproken, over wat het voor gelovigen is en wat het niet is en dat is toch winst...

Veilig bidden

En toch… de reacties op dit gebed legden theologische verschillen in onze kerk bloot. Ik vind het best jammer, dat we elkaar in onze uitingen van ons geloof niet altijd kunnen vinden. Ik neem in onze kerk zoiets waar als ‘veilig’ bidden, veilig bidden staat voor mij dan voor zo’n algemeen geformuleerd gebed dat niemand zich er een buil aan kan vallen en God, hoe we Hem of Haar dan ook zien, al helemaal niet. Men heeft moeite met het Godsbestuur omdat men alles in oorzaak en gevolg wil vatten, regen en droogte komen voort uit verkeerd menselijk handelen en mag je dat God in de schoenen schuiven? Bidden is dan alleen nog een indirecte aansporing tot handelen. Het is bidden onder een gesloten hemel, waarin we enkel nog aan God vragen ons wijsheid en moed te geven. Bidden als uiting van onze verantwoordelijkheid, waarbij we het ten diepste niet meer van een hogere macht verwachten.

Geloven is voor mij hartstocht en ik wil met alles in mijn leven bij God betrokken zijn, ik weet Hem ook in alles op mij betrokken en ik wil boven alles zijn Koninkrijk dienen. Deze hartstocht brengt met zich mee, dat ik alles deel wat mij aan het hart gaat. Niet als een vragenlijstje aan God waar Hij aan moet voldoen, dat laat ik uiteindelijk aan Hem. Maar ik noem het wel, ik zou niet anders willen.

Ik vind dat ook terug in het Psalmboek, ik vind dat ook terug in het gebed van een vrouw als Hanna. En als het om er om gaat, hoe dat dan kan werken, wil ik wel een voorbeeld uit mijn eigen leven noemen: ik bad als Hanna ook om een kind en God gaf me het inzicht dat er kinderen op de wereld zijn die graag een moeder en vader zouden hebben en ik ontving de moed om kinderen te adopteren…

Toevertrouwen aan God

Mag je alles vragen aan God? Bidden kan blasfemisch worden. God voor jouw karretje. Je moet ervoor oppassen niet naar jezelf toe te bidden, het gaat uiteindelijk om Gods Koninkrijk en zijn gerechtigheid. Maar soms is je kinderlijk toevertrouwen aan God het enige wat je hebt: ik was in een penitentiaire inrichting en de vrouwen baden heel kinderlijk, heel concrete, vragende gebeden waarvan ik dacht: zou God daar iets mee kunnen? Liturgisch absoluut onverantwoord… Maar ze deden het toch maar en wisten zich met hun God verbonden en ontvingen kracht in hun moeiten.

Als gij voor Hem uw hart uitstort,
vertrouw dat Gij gezegend wordt,
God is een schuilplaats voor ons allen.
Psalm 62: 5

ds. Saskia van Meggelen - preses generale synode

> Lees hier het gebed bij droogte
> Bekijk hier de reacties op facebook op het gebed bij droogte


08/03/2018 10:31 AM
Megabijbel op Deventer Boekenmarkt
In een metershoge megabijbel kunnen bezoekers van de Deventer Boekenmarkt op 5 augustus de Bijbel ‘beleven’. Deze enorme Bijbel hoort bij de manifestatie ‘Boek der Boeken’ van het Nederlands Bijbelgenootschap en de Protestantse Kerk Deventer. De manifestatie start om 10.00 uur met een viering in de Grote- of Lebuïnuskerk.

De viering schenkt onder meer aandacht aan het jubileumjaar 2018. Precies 1250 jaar geleden bracht zendeling Lebuïnus de Bijbel voor het eerst naar Salland en Deventer. Daarom houdt de Overijsselse provinciedichter en Deventer verhalenverteller Boudewijn Betzema tijdens de viering een ‘Lebuïnusmonoloog’.

De Bijbel ervaren

Na de viering is de Bijbel te ervaren in een vier meter hoge Bijbel Dichtbij. Wie deze Bijbel binnenwandelt, kan via een audiotour van enkele minuten kennismaken met het bijzondere boek de Bijbel. Het Nederlands Bijbelgenootschap – eigenaar van deze megabijbel – geeft bij zijn stand gratis het boekje De Bijbel in één uur weg. Naast de megabijbel is er voor jong en oud nog van alles te beleven. Er worden oude en nieuwe bijbels en andere boeken verkocht, een kunstenaar geeft een diavoorstelling, de kerktoren is te beklimmen en voor kinderen is er een creatieve kinderhoek.

Boekenmarktconcert

Om 14.00 uur en 15.30 uur wordt alles een half uurtje stil gelegd voor het Boekenmarktconcert. Jan Pieterszoon Sweelinck, die gedoopt is in de Lebuïnuskerk, staat centraal in een verrassend programma met werken van Sweelinck en zijn tijdgenoten door het Uriëlconsort, luitenist Michiel Niessen, Anneke Smeets. Daarbij bespeelt organiste Kirstin Gramlich het grote Holtgräve-orgel. De muziek wordt omlijst met sprankelende poëzie uit de 16de en 17de eeuw. De Deventer Boekenmarkt is de grootste van Europa en trok vorig jaar zo’n 130.000 bezoekers. Het programma van de manifestatie met tijden staat op de poster in de bijlage en is te vinden op: bijbelgenootschap.nl/nieuws.

Foto: Peter Heuveling


07/30/2018 10:05 AM
Dominee Piet de Jong noemt het ambt 'een bizarre roeping'
In zijn boek Sores en Zegen vertelt hij gepassioneerd over zijn liefde voor het ambt en voor de kerk. Van het bevindelijke schuurkerkje in Zeeland tot de missionaire stadsgemeente in Delfshaven. Piet de Jong kent persoonlijke verliezen, maar getuigt ook van vertrouwen in de toekomst van de kerk.

Op uw boek staat voluit ‘dominee’ Piet de Jong. Mails ondertekent u met ‘ds’. Bent u trots op die titel?
‘Met het woordje trots ben ik niet opgevoed, maar het is wel een bijzondere titel. Door de bank genomen ben je als dominee priesterlijk bezig, dienend, luisterend, zegenend. Soms openbaart zich op de kansel het profetische. Daar kun je niet voor studeren, daar kun je alleen maar om bidden. De titel is ook herkenbaar. Zelfs in Rotterdam weten ze dat een dominee iemand is die iets met God heeft, die je iets kan vragen en die niet meteen zegt: “Ben je wel van de kerk?” Ik houd van dat ambt.’

Jan Martijn Abrahamse noemt het ambt een ‘lastige lust of een lustige last’. U noemt het een ‘bizarre roeping’. Waarom?
‘Omdat je de stem van God moet zijn. Dat is een rare pretentie hè, en ook de meest bizarre. En toch kijken de mensen zo naar je. Moet dat mooie ambt nou ontmanteld worden? Dat treurige speeddaten voor jonge collega’s die beroepbaar zijn… Ik houd niet van dat platte. En een zekere hiërarchie is heus niet verkeerd. Jazeker, ik hoop dat wij nog steeds een rolmodel zijn en wie dat een belasting vindt, moet een ander vak kiezen. Jij bent degene die geestelijk leiding geeft. Wie het sacrament bedient, is nog nét niet de Heer. Maar het scheelt niet veel. Die rol heeft een vleug van heiligheid. De Protestantse Kerk is een belangrijke familie binnen de algemene katholieke kerk. Dat zou ik graag zo houden.’

Waar haalt u uw moed over de toekomst van de kerk vandaan?
‘Ik ben van huis uit geen optimist en kan behoorlijk tobben, maar daar moet je niet aan toegeven. Daarom is de belangrijkste aansporing in mijn boekje: hou op met somberen want de mogelijkheden liggen voor het grijpen. Het Koninkrijk komt eraan. Er is veel heimwee, veel verlangen, ook onder seculier denkende mensen. Door de eeuwen heen heeft de christelijke kerk uit kleine groepjes bestaan. Daar moeten we niet over zeuren. In Delfshaven hadden we eerst veel meer ouderen dan jongeren in de gemeente. We kozen ervoor het accent op de jonge mensen te leggen, want ouderen kunnen zich uitstekend met hen identificeren maar andersom niet. Niemand liep weg. Het geheim is dicht bij mensen te staan, de moed te hebben ingewikkelde dingen te bespreken. We hebben veel gebeds- en Bijbelgroepen. Juist jonge mensen, die op zoek zijn naar God en naar zichzelf, komen daarop af. Het moet dan wel over God gaan, dus geen zweverigheid. De kerk is er voor iedereen en iedereen kan meedoen. De gedachte aan de volkskerk heeft mij nooit losgelaten.’

Het rapport Waar een Woord is, is een weg vindt u een ‘voorzet waarbij vooral ruim baan wordt gegeven aan krimpen en marginaliseren’.
‘Ja, dat vind ik dus. Die nota is prima en natuurlijk zijn er maatregelen nodig om de boel op te schudden. Maar dat frame van afslanken… Dat is het fnuikende beeld van een bijna omvallende bank. Als je er zelf niet meer in gelooft, wie dan wel? In sommige avonddiensten zitten misschien dertig mensen. Heb je zo’n groep op een Bijbelkring, dan ben je blij! En als het te duur is om daarvoor de kachel op te stoken, zeg ik: dan doen we gewoon een jas aan.
Die krimpscenario’s wijzen bergafwaarts richting 2030. Moeten we in 2018 al maatregelen nemen die dan misschien nodig zijn? Ik geloof niet in die neerwaartse lijnen, ik zie meer een golfbeweging. Er komen altijd andere tijden, andere mensen. Oefen geduld. Heb vertrouwen in de plaatselijke gemeente. Laat iedereen meedenken. Overal zijn vrijwilligers bezig om de klok te luiden, het dak te repareren. Vorm een pool van predikanten die gratis willen voorgaan in gemeenten die het financieel moeilijk hebben. Ik denk vaak aan het verhaal over het dochtertje van Jaïrus. Jezus zegt: “Het kind is niet gestorven maar het slaapt.” Om vervolgens naar binnen te gaan, gevolgd door slechts drie leerlingen.’

Wat heeft het schrijven van dit boek u opgeleverd?
‘Ik werd verrast door mijn eigen positieve emotie. Alles overziend, denk ik dat ik niet veel veranderd ben. Maar ik heb wel geleerd een stevige mening te ontwikkelen; ik ben niet zo van enerzijds-anderzijds, al vindt niet iedereen dat leuk. Ook heb ik geleerd om beter te luisteren. Ik zat eens bij het ziekbed van een oude vrouw. Ze zei: “U zegt niet veel hè, dat leren ze je zeker op de universiteit. Maar als u hier bent, wil ik dat u een woord van God spreekt.” Zij had gelijk: ik zat inderdaad in de passieve luisterhouding. Toen hebben we samen uit de Bijbel gelezen en gebeden. Er zijn nog maar weinig mensen die hardop voor elkaar bidden.’

Waaruit put u in deze fase van uw leven de meeste kracht?
‘Ik werd eind februari geopereerd, aan het begin van de veertigdagentijd. Ik las deze tekst: Wees mijn beschuttende rots. En ook: Roep je Mij aan, Ik luister naar jou. Ik wil maar zeggen: die woorden geven houvast. Er zijn eeuwige handen om ons heen die ons dragen.’

In ’t kort
Pieter L. de Jong (1947) studeerde theologie in Utrecht. Hij was gemeentepredikant in Laar (Duitsland), Asperen, Nunspeet, Rotterdam-Delfshaven en Wijk bij Duurstede. Nu is hij interim-predikant in Oud-Vossemeer. Als synodelid was hij actief betrokken bij de totstandkoming van de Protestantse Kerk in Nederland. Piet de Jong is redacteur van het tijdschrift Kontekstueel en schreef meerdere boeken, waaronder Stadspelgrims (2012). Recent verscheen Sores en Zegen, mijn verhaal met de kerk (Boekencentrum, € 17,99).

 

Artikel uit woord&weg juli/augustus 2018. >Vraag hier gratis een proefexemplaar aan.


07/27/2018 08:16 AM
Gebed bij droogte
"Nu hitte en droogte ons land teisteren wenden we ons tot U met onze zorg om de gewassen die staan te verpieteren op het land, met onze angst dat wie oud en zwak zijn het niet gaan redden, met onze bezorgdheid om een veranderend klimaat, om een kwetsbare Schepping."

De Protestantse Kerk ontvangt deze dagen telefoontjes en mailtjes van bezorgde leden. Bezorgdheid over de warmte en de droogte van dit moment. Bezorgdheid over de opwarming van de aarde. Bezorgdheid over de gewassen op het land. 

Gebed bij droogte

Levenbrengende God,

Aan U behoren wij toe in alle omstandigheden van het leven.
Nu hitte en droogte ons land teisteren wenden we ons tot U
met onze zorg om de gewassen die staan te verpieteren op het land,
met onze angst dat wie oud en zwak zijn het niet gaan redden,
met onze bezorgdheid om een veranderend klimaat, om een kwetsbare Schepping.
Zie om naar ons land, o God,
wil voorzien in wat wij nodig hebben.
Laat uw zegen neerdalen en onze gronden vruchtbaar maken.
Laat ons niet blijvend dorsten.
Houd ons bijeen in onze zorg om elkaar,
dat we oog houden voor wat een ieder nodig heeft
deze dag en de dagen die komen.
Levenbrengende God,
in deze moeitevolle omstandigheden vertrouwen we onszelf aan U toe.
Amen.

Ds. Saskia van Meggelen, preses generale synode

> Lees hier de reacties op facebook op dit gebed
> Naar aanleiding van de reacties op dit gebed schreef ds. Van Meggelen de blog 'Mag je alles vragen aan God?'

 


07/27/2018 06:07 AM
Ds. René de Reuver interviewt bisschop Michael Curry
Wie is de man achter de preek voor prins Harry en Meghan Markle? Wat maakte dat zijn preek miljoenen raakte? Wat is zijn geheim?

De EO is in juli 2018 naar New York gereisd voor een interview met bisschop Michael Curry. De resultaten van deze ontmoetingen worden verwerkt in een tweetal programma’s die de EO dit najaar uitzendt. Dit zijn tevens de allereerste interviews met bisschop Michael Curry op het Europese vasteland sinds zijn bijzondere optreden in de huwelijksdienst aan het Engelse hof. Beide programma’s hebben elk een eigen aanleiding.

Boodschap voor Nederland

Op zondag 16 september - wanneer de Nederlandse kerken in het kader van Kerkproeverij actief mensen uitnodigen om naar de kerk te komen - gaat ds. René de Reuver, scriba van de Protestantse Kerk in Nederland in gesprek met zijn Amerikaanse collega Michael Curry. Wat drijft Michael Curry en heeft hij ook een boodschap voor Nederland en onze kerken en voorgangers?

Amazing Grace

Op zondag 14 oktober heeft bisschop Michael Curry een persoonlijk gesprek met presentatrice Minella van Bergeijk (EVA Magazine). Wat betekent het lied Amazing Grace voor hem? Herkent hij zich in de bevrijding waar dit lied over spreekt? De EO start met dit korte programma het project moderne slavernij - why slavery? In deze week zendt de EO dagelijks een documentaire uit over moderne slavernij en verzorgt de EO iedere dag een korte reportage over moderne slavernij in Nederland.

Uitzendgegevens


07/27/2018 06:04 AM
‘De gemeente moet kunnen zingen’
Al meer dan 45 jaar is organist Ger Blok de steun en toeverlaat van ‘zijn’ kerk. Hij speelt er niet alleen op het klavier maar voert als dirigent ook het koor aan. “Hoe ik het volhoud? Ik doe het met plezier!”

De functie van organist is onmisbaar in de Protestantse Kerk: in vrijwel alle gemeenten wordt de gemeentezang door een kerkorgel begeleid. Zo ook in het Brabantse Oudenbosch. Toen Ger Blok (73) en zijn vrouw hier ruim 45 jaar geleden vanuit Rotterdam kwamen wonen, vroeg de enige organist van de hervormde kerk al snel of hij kon inspringen. “Ik was al enige jaren tweede organist geweest van de Oude Kerk in Charlois en vond het fijn hier weer te kunnen spelen.”

In de rubriek 'Steunpilaar' in het magazine Petrus wordt steeds iemand achter de schermen geportretteerd. De vrijwilliger die in duizend-en-een commissies zit bijvoorbeeld, de organist die wekelijks de sterren van de hemel speelt, de koster die het gebouw op z’n duimpje kent. Kent u ook zo iemand? Mail naar petrus@protestantsekerk.nl.

 

Ger bereidt zich altijd goed voor. “Ik speel natuurlijk de melodie, maar ik kijk ook naar de teksten die we gaan zingen. Soms is het eerste couplet bijvoorbeeld een lofzang, maar het volgende couplet heel anders, helemaal niet juichend. Daar doe ik wat mee in de begeleiding - in de registraties of in het tempo. Ik vind het heel belangrijk dat de gemeenteleden dit kunnen merken. Ik kan het ze moeilijk vertellen, want ik zit boven achter het orgel. Via een spiegel kan ik de kansel en de tafel zien, en daar houdt het mee op. Ik speel ook in Oud-Gastel, waar de situatie anders is. Als ik daar bijvoorbeeld merk dat een lied wat ontspoort, stop ik ermee, draai me om naar de gemeente en roep: ‘Dat gaat niet goed, zal ik het nog eens voorspelen?’”

Prachtig maar prijzig

Het orgel neemt een grote plaats in Gers leven in. Momenteel niet letterlijk overigens: vanwege een recente verhuizing naar een kleinere woning is de piano die het vorige huis sierde - een familiestuk - naar zijn dochter gegaan en beschikt hij alleen nog over een keyboard. Ger is op zoek naar een orgel voor in het nieuwe huis. Maar dat luistert nauw. “Je hebt tegenwoordig het Hauptwerk-orgel, een computerorgel met zogenaamde samples, geluiden die men met kerkorgels opneemt. Zo’n orgel benadert het pijporgel. Prachtig, maar heel prijzig. Een enkele keer staat er een mooie aanbieding op Marktplaats. Dat kan een goede optie zijn, maar er kan ook wat aan mankeren … Misschien kies ik wel voor een elektronisch orgel.”

In zijn ouderlijk huis stond een harmonium, zoals bij veel gezinnen in die tijd. “Mijn vader speelde er graag op maar deed dat uit z’n hoofd. Ik mocht naar de muziekschool.” Daar werden hem de beginselen van de muziek bijgebracht. Pas in het derde jaar moest hij voor een instrument kiezen. “Dat was voor mij niet moeilijk.” Het harmonium van het gezin was maar eenvoudig. Daarom kreeg Ger les bij een leraar thuis, de organist van de Wilhelminakerk in Rotterdam Feyenoord, Frits Willebrands. “Er is een periode geweest dat ik voetballen leuker vond, maar m’n ouders hoefden me niet achter de broek te zitten om te oefenen.”

Uitkomst

Na de middelbare school was het Gers wens om schoolmuziek te studeren. “Maar zes jaar studeren aan het conservatorium was een te grote financiële belasting voor mijn ouders. Ik was inmiddels te laat met inschrijven voor de kweekschool, dus ben ik maar een baantje gaan zoeken.” Bij de grote drukkerij waar Ger toen terechtkwam, had hij het zo naar zijn zin dat hij na een jaar niet alsnog voor de kweekschool koos. Via een omweg kwam hij later toch in het onderwijs terecht. Hij schoolde zich bij tot docent informatica en economie en gaf les op het Mercatus College in Rotterdam. Vanwege zijn orgelervaring mocht hij daar later ook muzieklessen geven.

In zijn militaire diensttijd bood het orgel soms ook uitkomst. “Ik kon me aan allerlei dingen onttrekken. Eens per maand was er een speciale dienst voor alle militairen. Mij werd gevraagd of ik orgel wilde spelen. Dat wilde ik, maar ik moest me natuurlijk voorbereiden. Vanwege alle kerstvieringen bracht ik een keer met Kerst drie dagen door in de kerk in plaats van in de kazerne.”

Van ons samen

Is de functie van organist niet wat eenzaam? “Nu onze gemeente een combinatie vormt met Oud-Gastel en Kruisland, ben ik niet meer de enige organist, dat scheelt. En ik overleg natuurlijk met de predikanten. Zij vragen vaak of een bepaald lied wel goed te zingen is, en of ik een passend lied weet. Soms stel ik zelf een ander lied voor dan opgegeven. Dat geeft het gevoel dat de gemeentezang iets van ons samen is.” 

Met Kerst, Pasen en Pinksteren zingt het koor waarvan Ger de dirigent is. “Het is een gemengd koor van ongeveer 25 leden. En ja, zoals bij veel koren zijn de meeste leden niet zo jong meer. Maar we zingen met plezier, ook tijdens de wekelijkse koorrepetities.”

Met de komst van het Liedboek, zingen en bidden in huis en kerk zijn er veel nieuwe liederen bij gekomen. Liederen uit andere stromingen, maar ook uit andere landen met een heel andere muziekcultuur. Ger: “Ik moet daar wel induiken voordat ik het kan spelen. Maar dat vind ik een verrijking.” Een onbekend lied is voor hem geen reden om het niet te zingen. “Ik kan een nieuw lied één of twee keer voorspelen, dan zingt de gemeente het ook.” 

Twee keer bidden

En dat is waar Ger warm voor loopt: de begeleiding van de gemeente, waardoor de mensen goed en met plezier zingen. “Ik ben geen concertorganist, vraag me niet om allerlei moeilijke stukken te gaan spelen. Maar de gemeente moet kunnen zingen. Het geeft me plezier om dat mogelijk te maken. Ik hoor gelukkig regelmatig na de dienst dat we weer fijn hebben gezongen vandaag. 

Ik zing zelf ook graag. Niet luidkeels achter het orgel, maar wel als gemeentelid in de kerk of als ik voor het koor moet voorzingen. Zingen is voor mij twee keer bidden. Het geloof is mijn basis. In mijn orgelspel komt alles samen.”

Tekst: Janet van Dijk | Foto: Ton Stanowicki

Een gratis abonnement op Petrus aanvragen? Ga dan naar www.petrusmagazine.nl.


07/25/2018 06:59 AM
Ds. Albert van de Heuvel was 70 jaar geleden aanwezig bij de oprichting van de Wereldraad van Kerken
Op 23 augustus 1948 werd de Wereldraad van Kerken opgericht in de Nieuwe Kerk in Amsterdam, nu zeventig jaar geleden. Met gasten uit de hele wereld, een kerkdienst in de Nieuwe Kerk en een Walk of Peace door de stad wordt dit jubileum gevierd.

Albert van den Heuvel was er 70 jaar geleden bij. Als steward, 16 jaar oud, hielp hij de toenmalige gasten hun weg te vinden in Amsterdam en wees hij deelnemers hun plaats aan. Hij kwam er voor op de fiets van Utrecht naar Amsterdam.

Zo bracht hij de bekende Duitse theoloog Martin Niemöller vanuit zijn hotel naar de Nieuwe Kerk. Niemöller had zich tegen het naziregime verzet en was al in 1937 gevangen gezet na een preek waarin hij de Führer fel bekritiseerde. Hij zat in totaal zeven jaar in concentratiekampen. Er waren bij de oprichting veel meer deelnemers uit Duitse kerken aanwezig. Zo vlak na de Duitse bezetting was dat heel bijzonder. Voor Albert van den Heuvel was het een eerste kennismaking met hen.

120 verschillende kerken

De oprichting van de Wereldraad van Kerken (World Council of Churches) was wereldnieuws. Er kwamen christenen uit alle werelddelen. Samen vertegenwoordigden zij zo’n 120 verschillende kerken. Dat was nog niet eerder gebeurd.

‘De Russisch-orthodoxe kerken deden in de beginjaren nog niet mee’, vertelt Van den Heuvel. ‘Zij sloten zich pas aan in 1960 toen de Koude Oorlog eindelijk wat op zijn retour was. De rooms-katholieke kerk is nooit toegetreden. Zij vonden dat christelijke eenheid bereikt zou moeten worden door terugkeer van alle gelovigen 'in de schoot van de moederkerk', de rooms-katholieke kerk. Het Vaticaan verleende daarom geen toestemming aan rooms-katholieken om deel te nemen aan de assemblées van 1948 en 1953. Wel verbleef bij de oprichting kapelaan Willebrands in hotel Krasnapolsky op de Dam. Zo toonde de rooms-katholieke kerk toch haar betrokkenheid. Hij werd op de hoogte gehouden van de inhoud van de vergaderingen.’

Paus Johannes XIII bracht verandering. Hij verzocht andere kerken en de Wereldraad om waarnemers naar het Tweede Vaticaans Concilie te sturen. De aanvaarding van het decreet over de oecumene door het Concilie leidde tot een gemeenschappelijke werkgroep met verschillende subcommissies. Dit was allemaal gericht op toekomstige samenwerking. Uiteindelijk is de rooms-katholieke kerk niet toegetreden. Maar er zijn wel vormen van samenwerking gevonden en het Vaticaan heeft permanent een waarnemer bij de Wereldraad.

Inspirerende oecumenische beweging

Bij de oprichting in 1948 waren er niet alleen veel gasten van over de hele wereld, er kwamen ook duizenden mensen luisteren bij de bijeenkomsten. Albert van den Heuvel wist een ding zeker: voor deze inspirerende oecumenische beweging wil ik later ook werken. In 1958, na een studie theologie in Utrecht en een afsluitend jaar in New York waar hij kennismaakte met Amerikaanse kerken, werd dit werkelijkheid. Van den Heuvel werd in 1960 directeur van het Jeugddepartement en in 1965 van het Communicatiedepartement van de Wereldraad.

Verzet

Vlak voor de Tweede Wereldoorlog was er al een Wereldraad van Kerken in oprichting. De latere eerste secretaris van de Wereldraad, de Nederlandse theoloog Willem Visser ’t Hooft, was hierbij betrokken. De Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer was jeugdsecretaris. Hij zou de oorlog niet overleven vanwege zijn verzet tegen de nazi’s. In Genève werd een klein bureau ingericht, dat in de oorlog uitgroeide tot een plek van waaruit verzet tegen de nazi’s werd georganiseerd. De Nederlandse studente theologie Hebe Kohlbrugge raakte daarbij betrokken. Zij kwam voor de oorlog in contact met Martin Niemöller en zijn verzetsactiviteiten. In Nederland werd zij zelf een spil in het verzet. Ze nam het initiatief om een verbindingslijn op te zetten waarmee microfilms met door het verzet verzamelde informatie van Nederland naar Zwitserland werden gestuurd. Deze berichtenlijn werd de Zwitserse Weg genoemd. Het eindpunt van de lijn was bij de in Genève wonende Visser ’t Hooft.

Wereldgeschiedenis

Zo schreef de Wereldraad al vanaf het allereerste begin wereldgeschiedenis. Dat zou in de jaren die volgden zo blijven. Van den Heuvel: ‘In 1948 was de grote drijfveer van de oprichters: nooit meer oorlog. Om dat te realiseren wilden ze kerken van over de hele wereld samenbrengen om hen met elkaar kennis te laten maken en vijandschap te overwinnen. Dat was het visioen dat aan de wieg stond van de Wereldraad. In de afgelopen zeventig jaar was de Wereldraad betrokken bij vredesonderhandelingen, wereldvoedselconferenties en andere projecten voor vrede en gerechtigheid.’

Kerken uit de vroegere koloniën werden zelfstandig lid. Het aantal deelnemende kerken aan de Wereldraad groeide zo uit tot ongeveer 350 aangesloten kerken. Deze kerken vertegenwoordigen zo’n 560 miljoen christenen. Eens in de zeven jaar komen al deze kerken samen voor een assemblee. Elk assemblee heeft een eigen thema. Het thema van de laatste is ‘Pelgrimage van gerechtigheid en vrede’.

Jubileumactiviteiten

De Raad van Kerken Amsterdam organiseert samen met de Protestantse Kerk Amsterdam, PAX Nederland en de landelijke Raad van Kerken op donderdagmiddag 23 augustus een Walk of Peace (wandeling van Vrede & Gerechtigheid) door de oostelijke binnenstad van Amsterdam langs gedenkwaardige plekken. Er is aandacht voor onrecht en geweld in verleden en heden. Maar ook voor concrete kerkelijke inzet voor gerechtigheid en vrede. De wandeling laat zien wat vanuit oecumenisch perspectief van belang is in de geschiedenis van Amsterdam. De wandeling houdt halt bij gedenkplaatsen van de Jodenvervolging, bij het Wereldhuis, Sant´Egidio, de Armeense Kerk, het Goodwillcentrum van het Leger des Heils/Drugspastoraat. Op al deze plekken is iets te doen en te beleven.

De Walk of Peace begint in de Hoftuin (achter de Hermitage) en eindigt op de Dam. Iedereen is van harte welkom om mee te lopen. Om 12.30 uur verzamelen in de Hoftuin. De wandeling gaat vandaaruit in kleine groepen. U kunt zich hier aanmelden 

Aansluitend aan de wandeling vindt om 16.00 uur in de Nieuwe Kerk een feestelijke internationale (Engelstalige) viering plaats. Ook daar kunt u aan deelnemen. 

Bron: Kerk in Mokum


07/23/2018 06:43 AM
Nieuwe energie voor dorpskerken
Het versterken van de honderden kleine dorpskerken in Nederland, dat is het doel van de dorpskerkenbeweging. “Dorpskerken lijken wel eens te vergeten hoe relevant ze zijn.” Een tweegesprek met projectleider Nadine van Hierden en promovenda Jacobine Gelderloos.

Een dorpskerkenbeweging… Hoe is dat idee ontstaan?
Nadine: “We merken dat veel kleine gemeenten worstelen met organisatievragen. Hoe vinden we voldoende ambtsdragers? Hoe kunnen we samenwerken met andere gemeenten in de buurt? We willen graag een platform bieden waar deze kerken ervaringen met elkaar kunnen delen en elkaar kunnen helpen en inspireren. Want juist die honderden dorpskerken zijn ontzettend relevant voor hun omgeving. Dat laat het onderzoek van Jacobine goed zien.”
Jacobine: “De meeste kerken vervullen meer maatschappelijke functies dan ze denken: door hun diaconale projecten en activiteiten, maar ook alleen al door de zichtbare aanwezigheid van hun kerkgebouw. Kerken mogen er trots op zijn dat zij er zijn, terwijl veel voorzieningen in de omgeving verdwijnen.” 

Jacobine Gelderloos
Jacobine Gelderloos promoveert in september op een onderzoek over hoe de kerk kan bijdragen aan de leefbaarheid van het dorp. Tijdens de dorpskerkendag op 24 september wordt haar boek gepresenteerd: Sporen van God in het dorp. Nieuwe perspectieven voor kerken op het platteland. Meer weten? Ga naar protestantsekerk.nl/dorpskerken.

 

Jacobine, je boek heeft als ondertitel ‘Nieuwe perspectieven voor kerken op het platteland’. Wat zijn die nieuwe perspectieven?
Jacobine: “Dorpskerken kunnen hun maatschappelijke betekenis nog verder versterken, door oog te hebben voor de vragen die spelen in hun eigen context, bijvoorbeeld rondom vergrijzing of industrialisering. En door vervolgens de vraag te stellen: hoe raakt ons dat? Zo hebben de kerken in Groningen het ‘Platform Kerk en Aardbeving’ opgericht en zijn ze betrokken bij het Groninger Gasberaad. Zij vragen aandacht voor de mensen die door de gaswinning en de aardbevingen getroffen zijn, en willen hen waar dat kan een luisterend oor of praktische hulp bieden.”
Nadine: “Juist die lokale geworteldheid van dorpskerken is een kracht. In het verleden werd vaak tegen kleine gemeenten gezegd: ga fuseren of zoek een vorm van samenwerking met andere gemeenten. Nu zeggen we: samenwerken is heel belangrijk, maar tegelijkertijd is het óók belangrijk om lokaal geworteld te blijven. Heel praktisch: als je elk jaar een dienst in streektaal houdt met de muziekvereniging, of elk jaar met Hemelvaart gaat dauwtrappen, blijf dat vooral doen.”
Jacobine: “Maar zet het ook eens in de lokale krant! Dan kunnen andere dorpsbewoners ook aansluiten.”*

Wat gaat dit initiatief praktisch voor dorpskerken betekenen?
Nadine: “De dorpskerkenbeweging is een beweging van, voor en door dorpskerken. Dat betekent dat veel mogelijk is. Het wordt geen project dat we landelijk gaan ‘uitrollen’. Wel komen er drie dorpskerkambassadeurs, die mee kunnen denken en goede verhalen en voorbeelden bij kerken gaan ophalen. Dat gaat om heel praktische dingen: denk aan een draaiboek voor een debatavond, een brief om contact te leggen met de school… De dorpskerkambassadeurs worden geen nieuwe gemeenteadviseurs, daar hebben ze de capaciteit niet voor. Maar je kunt straks als dorpsgemeente wel een beroep doen op iemand die jouw dorpscontext snapt, en die van buiten met je mee kan kijken.
Daarnaast organiseren we op 24 september een eerste dorpskerkendag. En ook online komt er een platform: een website om ervaringen te delen, waarop je verhalen van de dorpskerkambassadeurs kunt lezen, en waar specifieke handvatten en werkvormen beschikbaar zijn.”
Jacobine: “Dan gaat het bijvoorbeeld om het zoeken van raakvlakken in het dorp: kun je aansluiting zoeken bij de dorpsvereniging, bij de fanfare, bij de bibliotheek? Of kun je mensen betrekken bij een feest als Kerst of bij een herdenking met Allerheiligen?”

Over hoeveel kerken hebben we het eigenlijk?
Nadine: “Er zijn ruim vijfhonderd protestantse dorpskerken in Nederland. Als veel kerken aanhaken bij de dorpskerkenbeweging, kan die helpen om nieuwe energie aan te boren. Om de vragen te stellen: ‘Waarom doen we eigenlijk wat we doen? Waar dromen we van?’ Maar tegelijkertijd ook heel praktisch: ‘Wat kunnen we van elkaar leren? Welke nieuwe ideeën kunnen we opdoen?’ Daarnaast is het bij veel dorpskerken niet bekend dat ze aanspraak kunnen maken op geld uit de Solidariteitskas, voor toekomstgerichte projecten. Dat willen we heel graag onder de aandacht brengen. De dorpskerkenbeweging wil dorpskerken helpen te floreren in de omgeving waar zij kerk zijn.”

Dit artikel komt uit het juli-/augustusnummer van woord&weg. Een gratis proefnummer aanvragen? Mail dan naar wew@protestantsekerk.nl.


07/20/2018 08:00 AM
‘Ouderen traditioneel? Helemaal niet!’
Ze gingen al bijna tien jaar naar dezelfde kerk, maar hadden elkaar nog nooit gesproken. Nu drinken Tineke (75) en Annerieke (19) regelmatig samen koffie na de kerkdienst. “En dan wil ik natuurlijk alles over Tinekes laatste vakantie horen!”

Tineke en Annerieke leerden elkaar in 2016 kennen, toen ze samen in de beroepingscommissie van de Kruiskerk in Wezep terechtkwamen. Annerieke: “Tineke was de oudste van de groep en ik de jongste. Ik dacht: hoe gaan we ooit een dominee vinden die we allebei interessant vinden?” Maar de verschillen bleken mee te vallen. “Als jongere heb je het beeld dat ouderen heel traditioneel zijn. Ik dacht: een dominee die jeugddiensten organiseert, dat vindt Tineke vast niks. Maar toen ik haar beter leerde kennen, merkte ik dat ouderen ook heel moderne en originele ideeën kunnen hebben.” “Afwisseling in de diensten vind ik juist heel goed”, beaamt Tineke. Alleen de door Annerieke geliefde Opwekkingsliederen zijn niet helemaal aan haar besteed. “De woorden zijn zo simpel, die zeggen me helemaal niks. En dan tien keer hetzelfde achter elkaar zingen… Daar kan ik niet zo veel mee.”

Op de camping

Die zoektocht naar een nieuwe predikant was een leuk proces, vinden ze allebei. Annerieke: “Er kwamen wel 23 sollicitaties binnen. De kerkenraad had bedacht dat alle sollicitanten een filmpje moesten maken. Heel goed, want zo kon je al heel snel zien of een dominee een beetje modern was.”
De beroepingscommissie besloot vervolgens anoniem negen predikanten te gaan ‘beluisteren’. Dat leverde grappige taferelen op. Tineke: “Tijdens één kerkbezoek vroeg iemand uit die gemeente ons bijvoorbeeld: ‘Staan jullie hier op de camping?’ ‘Nou, niet helemaal’, praatte ik er dan maar wat omheen.” Annerieke: “We hebben er wel eens een heel toneelstuk van gemaakt: ik was dan zogenaamd met mijn ‘opa’ op stap.”
Uiteindelijk noteren de vrouwen dezelfde dominee boven aan hun lijstje. “We waren allebei meteen fan van dominee Wilmink, die nu onze predikant is. Hij is heel toegankelijk, zijn diensten spreken iedereen aan.”

Tineke en Annerieke
Al sinds de Kruiskerk vijftig jaar geleden haar deuren opende, gaat Tineke Post (75) naar deze kerk. Ze heeft vier kinderen en negen kleinkinderen, en reist met haar man nog de hele wereld over.
Annerieke Bouma (19) studeert sinds een jaar Nederlandse taal en cultuur in Groningen. Elk weekend komt ze terug naar Wezep, waar ze twee weekendbaantjes heeft en vrijwel elke zondag naar de kerk gaat.

 

Saamhorigheid

Tineke is al vijftig jaar betrokken bij de Kruiskerk en heeft de gemeente in die tijd behoorlijk zien veranderen. “Vroeger hadden we 1200 leden, nu zijn het er nog 600. Maar ik voel me hier nog steeds thuis. Mensen in deze kerk zijn betrokken op elkaar, we kennen elkaar en zijn echt een gemeenschap.” Niet alleen de gemeente, ook haar geloof is in de loop van de tijd veranderd. “Ik geloof niet meer dat dé waarheid bestaat, zoals allerlei religies claimen. God zie ik in de liefde tussen mensen onderling. Mensen moeten vriendelijk en barmhartig voor elkaar zijn. En precies dát vind ik hier in de kerk.”
Annerieke herkent dat: “De saamhorigheid in onze kerk is heel bijzonder.” Ook voor haar is het aspect ‘gemeenschap’ heel belangrijk. “Ik vind het best moeilijk om in mijn studiestad Groningen te laten merken dat ik christen ben en naar de kerk ga. Toch is de kerk heel belangrijk voor me: de kerkdienst hoort helemaal bij de zondag.” Ze deelt Tinekes overtuiging dat geloven meer gaat over ‘doen’ dan over ‘denken’. “Heb je naaste lief als jezelf, dat vind ik ontzettend belangrijk.”

Aansluiting

Inmiddels is Annerieke helemaal op haar plek in de gemeente, maar eerder miste ze nog wel de aansluiting met oudere gemeenteleden. “Vroeger had ik het gevoel dat oudere mensen het lastig vonden om een gesprekje met me aan te gaan. Een jaar of drie geleden werd ik lector. Als ik dan thuiskwam, zei mijn moeder tegen me: ik heb van heel veel mensen gehoord dat ze vonden dat je zo goed las. Dan dacht ik: waarom zeggen ze dat niet tegen mij?”
Tineke reageert: “Ja, je gaat toch snel vooral om met je ‘eigen’ mensen. Van mijn leeftijdsgenoten weet ik: die heeft dat, en die mankeert dat… En dan vraag ik daarnaar, en praat je even met elkaar. Bij de jeugd denk je gauw: die redt zich wel.”
“Als jongere neem je niet zo snel het initiatief om een ouder iemand aan te spreken”, zegt Annerieke. “Maar voor mij is het contact nu wel een stuk makkelijker geworden. Dat komt doordat ik bij allerlei commissies betrokken ben geraakt: daardoor heb ik veel nieuwe mensen leren kennen. Dus tegen andere jongeren zou ik zeggen: word actief, laat je zien in de kerk!”

Foto: Miranda Ockerse
Tekst: Jedidja Harthoorn

In de rubriek 'Jong & oud' in het nieuwe magazine Petrus vertellen een jongere en een oudere uit dezelfde gemeente wat hen bindt en wat ze zoeken in de kerk. Meer verhalen lezen? Neem nu een gratis abonnement via www.petrusmagazine.nl.


07/19/2018 08:00 AM
Krijgsmachtpastoraat: mensen helpen mens te blijven
De Dienst Protestantse Geestelijke Verzorging bij de krijgsmacht helpt militairen, burgermedewerkers, veteranen en hun relaties in te gaan op vragen die worden opgeroepen in en door het werken in de krijgsmacht. Krijgsmachtpredikanten maken deel uit van het militaire leven op kazernes en velden, tijdens vaarperioden of oefeningen en tijdens uitzendingen. In het jaarschrift 2018 vertellen de Krijgsmachtpredikanten hoe zij 'Mensen helpen mens te blijven'. Lees hier het verhaal van ds. Erik Asscher

Hallelujah! Geestelijke verzorging en het geheim van het leven

Vier trips naar het buitenland en talloze ontmoetingen op en rond de Vliegbasis Leeuwarden. 2017 was een bewogen jaar voor mij. In januari bezocht ik de militairen van de vliegbasis in Litouwen. In het kader van de ‘Baltic Air Policing’ stonden twee F-16’s paraat om Russische militaire vliegtuigen te onderscheppen voor het geval zij het luchtruim van de drie Baltische staten zouden schenden. In Edwards, Californië, bezocht ik de vijfenveertig militairen die met hun gezinnen daar wonen. Zij werken aan het testen en evalueren van de F-35, ons nieuwe jachtvliegtuig. In Berlijn vertegenwoordigde ik samen met collega Ids Smedema de Protestantse Geestelijke Verzorging bij de Krijgsmacht op de ‘Kirchentag’. In de late herfst vloog ik naar Bodø in Noorwegen om een groep militairen te bezoeken die een grote internationale oefening voorbereidde. Ook thuis op Vliegbasis Leeuwarden had ik allerlei ontmoetingen.

Verhalen begrijpen?
Maar al die reizen en ontmoetingen roepen de vraag op wat ik dan precies doe. Wat bespreek je met al die mensen? Daar kan ik geen eerlijk antwoord op geven, die gesprekken zijn vertrouwelijk. En wat privé is, moet privé blijven. Maar dieper dan dat voert de vraag naar wat mensen eigenlijk willen zeggen met hun verhaal. Hun verhalen worden wel gehoord, maar worden ze ook begrepen? Daarbij: mag er ook aandacht zijn voor het onbegrijpelijke? Koning David zegt dat mooi in Psalm 49: ‘Ik heb een open oor voor raadselspreuken, bij het spel op de lier onthul ik een geheim.’ Pas bij zorgvuldige begeleiding komt een verhaal echt tot klinken. En kan ook het leven in zijn onbegrijpelijkheid aan het licht komen.

‘Suflet’, levensadem, ziel
Dit gebeuren is prachtig verbeeld op een detail van de fresco aan de westzijde van het klooster Voronet in het gelijknamige dorp in Roemenië. Linksonder op de foto zien we een liggende mensenfiguur. Een jongen met een wit kleed, gesloten ogen en gevouwen armen. Leeft hij? Is hij gestorven? Daarboven een engel die zijn hand uitstrekt boven de jongen. Wie goed kijkt ziet een kleine witte mensenfiguur tussen de hand van de engel en de mond van de jongen. Het is de ‘suflet’, de levensadem, de ziel van de jongen die behoedzaam in veiligheid gebracht wordt. Niet toevallig ontspringt deze levensadem aan de mond van de jongen, de plek waar ook onze verhalen het lichaam verlaten. Onder de zorgvuldige begeleiding van Koning David wordt het geheim van het leven bewaard.

[Tekst gaat verder onder foto]

God is een melodie
Maar hoe doe je dat? Dat begeleiden van mensen bij het vertellen van hun verhaal? Ik denk aan het beroemde ‘Hallelujah’ van Leonard Cohen:
‘I’ve heard there was a secret chord
that David played and it pleased the Lord
but you don’t really care for music do you?
It goes like this: the fourth the fifth,
the minor fall, the major lift
the baffled king composing Hallelujah’

Er wordt hier een loflied voor God gecomponeerd. Dat geeft wel de belangrijkste oriëntatie! In dat loflied is blijkbaar plaats voor verdriet en diepe dalen (‘the minor fall’), en voor vreugde en dankbaarheid (‘the major lift’). Maar over de technische aspecten van de begeleiding is Cohen helaas erg kort. Hoe weet je of je tempo moet houden, of dat mensen juist extra tijd nodig hebben? Hoe weet je wanneer je structuur moet bieden, of mensen juist vrij moet laten associëren? Hoe weet je of mensen baat hebben bij een ondersteunende tweede stem, of juist aan een voorzichtige tegenstem? Het blijkt een kwestie van goed luisteren en steeds opnieuw je best doen! En misschien is het met geestelijke verzorging wel net als met muziek maken: je hoeft er niet goed in te zijn om er toch plezier in te hebben. Maar pas als anderen er werkelijk plezier aan beleven merk je dat je er goed in wordt. Koning David werd er beroemd mee. Als hij speelde voor koning Saul, dan verdwenen de kwade geesten en kon Saul opgelucht ademhalen.

Mensen zijn bestemd voor het volle leven
Maar de militairen en hun relaties, wat zeggen zij ervan? Toen ik de afbeelding van de fresco liet zien aan een militair, merkte die nuchter op dat Koning David blijkbaar goed was met zijn gitaar, want hij had toch niet voor niets een gouden plaat om zijn hoofd! We hebben daar hartelijk om gelachen. Vaak doet een gram humor een mens meer goed dan een kilo ernst. In de eetzaal vraagt men ook niet naar de temperatuur van het vet waarin de kroketten gebakken zijn. Er is onderling vertrouwen. Dat vertrouwen is gebaseerd op een goed persoonlijk contact en de overtuiging dat iemand goed is in zijn vak. Voor mij is protestantisme een keurmerk van dat laatste. Je bidt en studeert met aandacht. Naar de mensen toe voed je de vrijheid en verantwoordelijkheid van ieders geweten. Je vraagt naar ieders welzijn, naar gebeurtenissen en levensgeheimen, je biedt ze gedachten ter overweging omdat je gelooft dat mensen voor het volle leven bestemd zijn. Samen met hen ga je op zoek naar wijsheid. En soms openbaart zich God in een glimlach, in een lied of in een ironie. Zoals die keer dat een militair na een gesprek van hart tot hart met een brede grijns tegen me zei: ‘bedankt dat ik weer even tegen je aan mocht balken’.

Ds. Erik Asscher

>Download hier het volledige jaarschrift 2018

> Zie ook: https://www.facebook.com/DomineesbijDefensie/


07/17/2018 06:15 AM
Wandelen, maar dan anders
Vandaag gaan zo'n 47.000 wandelaars van start bij de Nijmeegse Vierdaagse. Bent u uitgeloot of wilt u iets anders dan recht toe recht aan wandelen? Denk dan eens aan de volgende initiatieven.

Labyrint lopen

De pioniersplek ‘De Schone Poort’ in Almere Poort heeft een labyrint in het Cascadepark aangelegd. Volgens pionier Pieter ter Veen ontstaan daar de meest waardevolle gesprekken. “Het labyrint staat symbool voor onze levensweg. Al lopend kun je nadenken over de wendingen in je leven en het doel van je reis. We geven er begeleiding bij zodat het gesprek richting krijgt en je verder komt.”

Kleasterkuier in Friesland

Iedere woensdagochtend om 9.30 uur organiseert de pioniersplek Nijkleaster in Jorwerd een ochtendgebed en kleaster-kuier. De wandeling bestaat uit drie delen: stilte, bezinning en verbinding.

Op pad met daklozen

Utrecht Underground biedt stadswandelingen aan over het leven op straat, verteld door (ex-)daklozen en (ex-)drugsverslaafden die dit harde leven zelf geleefd hebben en nu op professionele wijze hun talenten inzetten als betaalde stadsgids. Liever underground in Amsterdam? Dat kan ook.

Lopen voor vrede

Ter gelegenheid van zeventig jaar Wereldraad van Kerken, wordt op 23 augustus een 'Walk of Peace'  georganiseerd. De wandeling start om 13.00 uur in de Hoftuin in Amsterdam, gaat door de oostelijke binnenstad en eindigt op de Dam. Onderweg worden plekken aangedaan die herinneren aan onrecht en geweld, of aan (kerkelijke) betrokkenheid voor gerechtigheid en vrede.

Foto: Nijkleaster (Dio van Maaren)

Houdt u van wandelen? In het volgende nummer van Petrus (24 augustus) vindt u behalve de rubriek 'Rondje om de kerk', ook zeven wandeltips in heel Nederland. Neem nu een gratis abonnement en ontvang Petrus voortaan vier keer per jaar thuis!


07/13/2018 07:13 AM
Harmoniedenken in de kerk: mogen er ook conflicten zijn?
Er is een overkill aan harmoniedenken in de kerk, zei Sake Stoppels onlangs in een interview. Juist dát kan gedoe en onmin veroorzaken. Conflicten zijn er nu eenmaal, geef daar aandacht aan. Of staat dat haaks op de missie van de kerk?

‘Meer oude koeien uit de sloot halen’
Sake Stoppels, universitair docent praktische theologie aan de VU en wetenschappelijk beleidsmedewerker bij de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk
‘Je moet proberen om met, wat de Duitsers noemen, een Fremd-Paradigma naar de praktijk te kijken. We vinden het bijvoorbeeld prachtig om leidinggeven te zien als dienen. Maar we vergeten dat er ook altijd macht bij zit. Als je alleen kijkt naar het dienstbare, dan verhul je iets. Dat bedoel ik met dat je niet alleen via een harmoniemodel naar de kerk moet kijken, maar ook via een conflictmodel. Zo kom je vaak verborgen conflicten op het spoor. Dat heb ik zelf meegemaakt in een gemeente. Ik kreeg het gevoel dat er iets aan de hand was. Toen we gingen graven, zagen we dat er heel wat lag te rotten aan oude conflicten. Kerken moeten misschien wel meer oude koeien uit de sloot durven halen. Ik wil geen conflicten aanmoedigen, maar de vinger leggen bij een cultuur die soms is ontstaan dat conflicten er niet mogen zijn. Er gaat dan witkalk over de rottigheid, we moeten vergeven en vooral vooruitkijken. Ik vergelijk de kerk weleens met een ijsberg. Je ziet alleen het topje, maar onder water zitten de knopen, de kluwens, de verbindingen en soms conflictstof. Dus vraag ik vaak aan gemeenten wat er onder water zit. Want vernieuwingspogingen in een kerk treffen soms hetzelfde lot als de Titanic.’

‘Niet meer boven water halen dan nodig’
Leo Oosterom, heeft als interim-predikant vaak met conflicten te maken
‘Ik moet glimlachen bij wat Sake Stoppels schrijft, want ik herken het. We moeten in kerken meer kunnen leven met de werkelijkheid van het conflict. Wel moet je er met elkaar voor zorgen dat de emotionele beleving van het conflict niet alles overwoekert. Het gebeurt vaak dat na lang ontkennen een conflict wordt vastgesteld en dat dit alles omver schopt. Wij zijn de gemeente van Jezus Christus, dan kan dit toch niet! Het orthodoxe deel van de kerk kan dit vaak beter handelen want: de wereld is gebroken. Het andere deel ziet vaak het ideaalbeeld van de gemeente, als een tegenbeweging in de maatschappij met alle gebrokenheid. In de kerk van Jezus Christus moeten we lief zijn.
Waar ik wat genuanceerder over denk, is de uitspraak dat we in de kerk meer oude koeien uit de sloot zouden moeten halen. Ik vergelijk conflicten vaak met wonden die zijn geslagen. Sommige wonden kunnen in rust genezen, maar wonden die ontsteken moeten open. Je moet niet meer conflict boven water halen dan nodig is. Ik merk dat het helpt als mensen aanvaarden dat de realiteit van het conflict ons niet minder de kerk van Jezus Christus maakt, maar dat het hoort bij ons mens-zijn.’

‘Beide partijen moeten willen praten’
Petra Blijdorp-Van der Knijff, (kerkelijk) mediator
‘Ik ben het met Stoppels eens dat mensen het er vaak liever maar niet over hebben, zich willen richten op waar ze mee bezig zijn en niet achterom kijken. Terwijl het wel nodig is dat mensen hetzelfde voor ogen hebben als ze samenwerken. Als je bepaalde vooroordelen hebt omdat iemand jou in het verleden iets heeft aangedaan, belemmert je dat om een volgende stap te zetten. Dat sluimerende is juist zo gevaarlijk, daar is in het verleden veel mee stuk gemaakt. Vaak door mensen die in de kerkenraad zitten of denken dat ze het voor het zeggen hebben, zonder rekening te houden met hoe anderen denken. Dan is het belangrijk dat je altijd blijft communiceren, mensen de ruimte geeft hun mening te geven en daar ook naar luistert. Communiceren is het moeilijkste wat er is. Het proberen elkaar te begrijpen en erkenning aan de ander te geven.
De wil om iets aan een conflict te doen, is een heel moeilijk punt. Vaak wil een van de twee partijen in gesprek omdat hij of zij er niet van kan slapen. De andere partij wil er liever niet aan beginnen en wil niet in gesprek. Wat doe je dan? Dan begin je niks, en dat gebeurt veel in de kerk.’

‘Zoek elkaars diepere grond’
Wim Hendriks, gemeentebegeleider
‘Bij een conflict krijg je altijd te horen dat mensen niet snappen dat het juist in de kerk zo hoog oploopt. Ik herken die idealistische gedachte zelf ook, maar de realiteit fluit je terug. Conflicten komen voor. Wat Sake Stoppels ook zegt, zodra je twee mensen bij elkaar hebt, bestaat het ideaal al niet meer. Want je bent het niet in alles met elkaar eens.
Als begeleider pleit ik ervoor dat mensen elkaar niet vanuit schuttersputjes bestoken met standpunten, maar dat je elkaars diepere grond zoekt. Waarom willen mensen dat er meer voor de jeugd gebeurt in de kerk? Vaak is dat omdat ze zien dat hun kinderen of kleinkinderen dreigen af te haken. Als het over dat soort motieven gaat, herkennen en respecteren tegenstanders elkaar eerder dan als ze alleen op standpunten communiceren.
Ik vind het een uitdaging van het geloof om samen met anderen de liefde van Christus te ontdekken. Want ik heb de ander, die heel anders denkt dan ik, nodig om meer van Jezus te gaan zien. En dat kan ik niet vanaf mijn eilandje. Als je zo naar de ander kijkt, kan diegene je ook gaan verrassen. Wees nieuwsgierig naar wat de ander raakt.'

Tekst: Jurgen Tiekstra

Wat vindt u: vinden we harmonie in de kerk te belangrijk? Laat uw reactie hier achter!

Dit artikel komt uit het juli-/augustusnummer van woord&weg. Een gratis proefexemplaar bestellen? Mail dan naar woordenweg@protestantsekerk.nl.


07/11/2018 06:50 AM
Voorzitter Schuldhulpmaatje hoopt dat Micha Zondag in veel kerken aanleiding is voor een goed gesprek over arm en rijk
Op 14 oktober 2018 vindt de jaarlijkse Micha Zondag plaats. Deze keer staat het thema armoede en rijkdom centraal naar aanleiding van de Bijbeltekst: "Armen zullen altijd bij u zijn (Deut. 15:11)"

Ds. Joost Schelling uit Woerden is voorzitter van Schuldhulpmaatje Nederland. Hij vindt de komende Micha Zondag ‘een mooie aangelegenheid om in de kerk een goed gesprek te voeren over rijk en arm, wereldwijd en binnen onze eigen (kerk)muren’.

Materiaal voor Micha Zondag

Micha Nederland heeft voor deze zondag materiaal gemaakt met preekschetsen, liturgische suggesties en ideeën voor kinder- en jeugdwerk.

Ds. Schelling heeft één van de preekschetsen voor Micha Zondag geschreven. Daarin schrijft hij: “De omgang met armoede is de lakmoesproef voor de rechtvaardigheid binnen de muren van Israël. Want het realisme dat er altijd verschillen tussen arm en rijk zouden bestaan, ontslaat de ander niet van het doen van recht aan de naaste. […] Recht doen betekent dwars door die omstandigheden heen steeds de mens achter de armoede te blijven zien, die een beroep doet op onze gaven. Gaven en goedheid die ons uiteindelijk ook weer gegeven worden."

Een goed gesprek voor rijk en arm

Ds. Schelling: “Deuteronomium roept het volk op om daarom steeds gul te zijn, en geregeld de disbalans tussen arm en rijk te herstellen. In een samenleving met een steeds groter wordende ongelijkheid rond inkomen, vermogen en kansen, kan rechtvaardigheid en het goede leven alleen nog gestalte krijgen door de kloof bewust te verkleinen. Kwijtschelden van schulden, maar zeker mensen met schulden onder ogen komen, en ze echt bijstaan, zijn zo zichtbare tekenen van het koninkrijk van God. De komende Micha Zondag is een mooie aangelegenheid om in de kerk een goed gesprek te voeren over rijk en arm, wereldwijd en binnen onze eigen (kerk)muren.”

> Download hier het materiaal voor de Micha Zondag met de preekschets van ds. Joost Schelling uit Woerden


07/05/2018 09:00 PM
Met kinderen van school de kerk ontdekken
“Ik woon dicht bij de kerk maar ik was er nog nooit in geweest. Ik vind het hier mooi, mag ik nog eens terugkomen?” Het was de reactie van een van de kinderen, die tijdens een excursie de kerk om de hoek bezocht.

De kerk als plaats om te leren

Tijdens de vakanties lopen de kinderen met hun ouders als toerist nog wel eens een kerk binnen. Maar voor veel kinderen is de kerk om de hoek een vreemd en onbekend gebouw.

Dit kerkgebouw heeft echter de kinderen van alles te bieden. Het kan hen helpen de geschiedenis van ons land beter te begrijpen. Het leert hen over de plaats van religie in onze samenleving. Het brengt hen in aanraking met allerlei kunstvormen en het laat hen nadenken over allerlei symbolen. Kortom, het kerkgebouw om de hoek kan op allerlei manieren bijdragen aan het bereiken van kerndoelen in het basis- en voortgezet onderwijs. Dit is de reden dat veel schoolleiders en leraren, zowel uit het christelijk als uit het openbaar onderwijs, graag met hun leerlingen op excursie naar een kerk gaan.

Een rijke leeromgeving

Geloofsgemeenschappen hebben met hun kerkgebouw vanuit cultureel en burgerschapsperspectief goud in handen. In elke kerk is veel te zien: gebrandschilderde ramen, kunstwerken, symbolen, de preekstoel en een gedachtenishoek. Al is er alleen maar een liturgisch centrum, in elk kerkgebouw zijn tal mogelijkheden om de kinderen te laten verwonderen, te laten ontdekken en te ervaren. Daarom kan ieder kerkgebouw bijdragen aan de vorming van leerlingen.

Een gids vertelt

Wat doe je als er 30 kinderen bij jou in de kerk op bezoek komen? Meestal wordt er tijdens een excursie een speurtocht gedaan of geeft een gids allerlei informatie. Dit is echter niet voor alle kinderen een manier, die hen aanspreekt. Daarnaast raakt het op deze manier niet aan hun eigen leven. Kinderen doen wel kennis op over het gebouw, maar deze kennis heeft in veel gevallen niets te maken met hun eigen leven. De ervaring leert dat ze dat, wat ze op deze manier in de kerk geleerd hebben snel vergeten zijn. Maar hoe kan het dan nog meer?

Essentieel en existentieel

Het kerkgebouw biedt zoveel meer mogelijkheden. De kerk is een cultureel en vaak een historisch gebouw, maar het is ook een gebouw waar mensen God ervaren of spirituele ervaringen hebben. Hoe kun je excursie zo inrichten dat hier ook aandacht voor is?

Wiena Ridderikhof ontwierp een excursie volgens de principes van de kindertheologie. Het didactisch uitgangspunt hierbij is dat kinderen zoveel mogelijk zelf ontdekken wat essentieel is voor kerken en wat mensen (en dus ook leerlingen zelf) existentieel met kerken hebben.

Op ontdekkingstocht

Toen Wiena zelf als docent godsdienstig vormingsonderwijs een excursie naar de kerk organiseerde, deelde ze het programma in in verschillende onderdelen. Hieronder volgt een korte samenvatting van haar programma.

Laat de kinderen allemaal de kerk in komen. Geef hen even de tijd het gebouw in zich op te nemen, voordat ze in een kring gaan zitten. Ga met hen in gesprek over de vraag: “Waarom bouwen mensen kerken?” Door deze vraag denken de kinderen na over de waarde die kerken voor mensen hebben.

Laat de kinderen allemaal een ‘kijker’ uitkiezen, zoals een zaklantaarn, verrekijker, vergrootglas, kartonnen koker of fototoestel. Hiermee gaan ze letterlijk op ontdekkingstocht door de kerkzaal. De kinderen lopen in stilte door de kerkzaal en hebben hierbij de volgende opdracht meegekregen: “Kies uit wat je ziet een voorwerp dat je heel bijzonder vindt. Iets waar je langer bij stilstaat.”

Na ongeveer 10 minuten komen alle kinderen terug in de kring. Ze krijgen een klein blaadje. Hierop tekenen ze wat hen het meest aansprak of wat zij het belangrijkste vonden.

Ga aan de hand van de tekeningen met de kinderen in gesprek. Je kunt hierbij bijvoorbeeld de volgende vragen gebruiken:

Moedig de kinderen hierbij aan om in dialoog op elkaar te reageren en elkaar ideeën, antwoorden, mogelijkheden en vragen te geven.

Wiena is enthousiast over deze manier van werken tijdens een kerkexcursie: “Door op deze manier te werken, ga je verder met de kinderen dan hen interessante weetjes meegeven. Je laat hen ontdekken welke waarde de kerk heeft. Ik zie de excursie dan ook als een missionaire kans.” Niet alleen Wiena is enthousiast. Een groepsleerkracht vertelde dat ze de excursie bijzonder gewaardeerd had. Ze leerde haar leerlingen op een heel andere manier kennen.

Meer lezen?
De excursie van Wiena is uitgebreid beschreven en gefilmd in het volgende boek: Valstar, J. , Willems, M. , Kuindersma, H. , Borre, C. , Buttner, G. (2015). God is buiten de tijd. Kindertheologisch leren kijken. Amersfoort: Kwintessens.

Met onderstaande knop kun je je aanmelden voor de nieuwsbrief van School & Kerk

1) Als je eerder kennis gemaakt hebt met Godly Play, zul je in deze vragen de verwonderingsvragen van Godly Play herkennen.

Door Wiena Ridderikhof-Boonen & Corina Nagel-Herweijer

Aanmelden nieuwsbrief School en Kerk




07/05/2018 06:30 AM
Hervormd Zegveld staat voor de kerk!
Heeft uw gemeente financiële steun nodig of juist geld om een vernieuwend plan uit te voeren? Wist u dat u voor beide gevallen als gemeente subsidie kunt aanvragen bij de Solidariteitskas? De hervormde gemeente Zegveld stond voor een forse renovatie van hun kerkgebouw en vroegen een bijdrage aan via deze kas. Met succes!

In het groene hart ligt het dorpje Zegveld. Het monumentale kerkgebouw midden in de kern herbergt al eeuwenlang de hervormde gemeente. Een kleine, meelevende groep mensen.

Een paar jaar geleden bleek een forse restauratie van het kerkgebouw noodzakelijk. De muren lieten vocht door en de fundering van de kerk bleek aangetast. Ventilatie en verwarming moesten worden aangepakt en de binnenzijde van de kerk zou worden teruggebracht in oorspronkelijke stijl. Een grote en ingrijpende verbouwing waarvoor een grote som geld nodig was en is. Zo´n ingrijpende restauratie biedt veel verbeteringen. ¨De kerk wordt hierdoor energiezuiniger, comfortabeler en multifunctioneler, juist ook met het oog op de toekomst. Hierdoor worden wij officieel een Groene Kerk,¨ aldus de heer Uittenbogaard van het college van kerkrentmeesters. Hoe ga je als kleine gemeente van 800 leden zo'n fors project aanpakken?

Fondsen werven
Het college van kerkrentmeesters ging voortvarend aan de slag. Nelleke Slaats van bureau 2Select werd in de arm genomen voor advies rondom de fondswerving. In een oriënterend gesprek werden met haar de plannen rondom de restauratie besproken. Een rapport van Monumentenwacht onderstreepte de noodzaak hiervan. Een commissie kerkrestauratie werd ingesteld. 

2Select deed de kerkenraad een voorstel voor alle fondswervende mogelijkheden en welke het beste pasten bij de hervormde gemeente Zegveld. De samenwerking verloopt erg succesvol. Nelleke: ¨Het samenstellen van een commissie kerkrestauratie en het op tijd beginnen met de acties zijn twee van de succesfactoren.¨

In volgende overleggen zijn de plannen verder uitgewerkt en verschillende fondswervende acties en het tijdspad hiervan besproken. Nelleke: ¨Iedereen ging aan de slag. Het college, de commissie kerkrestauratie en de kerkleden werden gevraagd om mee te werken aan het inhoud geven en samenstellen van middelen, zoals een fondswervende krant.¨

Fantastische inzet van gemeente
In een tijdsbestek van slechts enkele maanden waren krant, formulieren, banners en zelfs enveloppen klaar en werden tijdens een speciale gemeenteavond de restauratieplannen toegelicht, de rol van 2Select uitgelegd en de inzet - in menskracht en financieel - van de voltallige gemeente gevraagd. En die inzet is ronduit fantastisch te noemen. ¨Doordat gemeenteleden vanaf het begin betrokken zijn en inspraak hebben in de plannen, ontstond er een groot draagvlak voor de restauratie,¨ aldus Nelleke. Mensen gingen actief aan de slag met acties om geld te werven voor de restauratie.

¨Het gevoel in de gemeente is dat als wij het echt willen, wij dit ook met zijn allen moeten doen,¨ vertelt de heer Uittenbogaard, ¨er zijn veel giften binnengekomen en een groot aantal 5 jarige periodieke giften. Verder is er elke eerste zondag van de maand in beide diensten een derde extra collecte. En last but not least zijn ook veel gemeenteleden bereid bij de verbouwing zelf de handen uit de mouwen te steken.¨ Ook worden de komende twee jaar verschillende kleine en grote acties gehouden in de gemeente. ¨Hiermee wordt niet alleen de restauratiekas verder aangevuld, maar blijft het project ook leven in de gemeente. Met recht kunnen wij zeggen dat wij met zijn allen staan voor onze kerk.¨

Nadat de krant huis-aan-huis was verspreid, is direct de fondsenwerving onder institutionele donoren gestart. ¨Nelleke is bijzonder actief en enthousiast om landelijke fondsen achter ons restauratieproject te krijgen,¨ zegt Uittenbogaard, ¨dit is voor onze gemeente en de voortgang van het project heel belangrijk. Zonder deze grote giften zouden wij het niet redden om ons kerkgebouw te restaureren.¨

Steun via solidariteitskas
Ook klopte het college van kerkrentmeesters aan bij de commissie Steunverlening van de Protestantse Kerk, ook wel de Solidariteitskas, voor een bijdrage in de restauratiekosten. De commissie was erg te spreken over de manier van fondsenwerving door de kerkelijke gemeente Zegveld, de betrokkenheid van gemeenteleden en de rol die 2Select hierin vervult. Vooral de hoge eigen bijdrage van de gemeenteleden zelf was reden voor de commissie om ook hun steun te verlenen. Zij zien daarin een gemeente die toekomstgericht en -bestendig is.

Leren van Zegveld
Wat kunnen andere gemeenten leren van de aanpak in Zegveld? Nelleke: ¨Op tijd beginnen met de fondsenwerving, de inzet van gemeenteleden vragen, maar ook mensen ‘buiten’ de kerk die zich betrokken voelen bij de sociaal maatschappelijke functie van de kerk in hun dorp of stad. En vooral ook anders durven te denken en open staan voor vragen en reacties. En de gemeente blijven informeren over successen, maar ook als er zaken tegenzitten of anders lopen.¨

Steun via solidariteitskas
Iedere gemeente kan een aanvraag indienen voor de Solidariteitskas. De Commissie Steunverlening hanteert hiervoor eenvoudige en transparante procedures. Soms kan er heel snel een toezegging gedaan worden. Bij ingewikkelder aanvragen kan afhandeling langer duren. De Commissie Steunverlening bestaat in zijn geheel uit vrijwilligers. Dit zijn deskundige kerkleden uit het hele land. De commissie let op toekomstgerichtheid, vitaliteit en ook op de maatschappelijke omgeving waarin de gemeente kerk wil zijn. Investeringen uit de Solidariteitskas zijn altijd tijdelijk, bedoeld om een gemeente te ondersteunen op weg naar nieuwe vitaliteit.

Heeft uw gemeente een toekomstgericht idee waar geld voor nodig is? Mail het naar steunverlening@protestantsekerk.nl.


07/02/2018 07:41 AM
Nieuw seizoen, nieuwe energie
Het nieuwe seizoen beginnen met nieuwe kennis en inspiratie? In het najaar gaan er weer heel wat trainingen van start, voor professionals en vrijwilligers in en rond de kerk.

Wat u ook doet in de kerk, het is belangrijk om uw taak met bezieling en energie te kunnen (blijven) doen! Goede voeding hiervoor is belangrijk. Het Protestants Centrum voor Toerusting en Educatie (PCTE) biedt komend seizoen onderstaande trainingen aan, waarop u zich individueel kunt inschrijven. Zit uw training of locatie er niet bij? Informeer dan via pcte@protestantsekerk.nl naar de mogelijkheden. 

Trainingen voor vrijwilligers

Training

Startdatum

Werkweek voor Liturgie en Kerkmuziek

17 juli, Hoeven

Kerkrentmeester

19 september, Beverwijk
8 oktober, Woerden
15 oktober, Waalwijk
8 november, Heerlen
8 november, Zwolle
15 november, Almelo

Diaconaat

27 september, Alblasserdam

Leiden van uitvaarten door gemeenteleden (8 dagdelen)

29 september, Haarlem
29 september, Driebergen

Jeugdambtsdragers

3 oktober, provincie Utrecht
17 oktober, omgeving Tiel

Leiderschap met lef

30 oktober, Woerden
8 november, Veenendaal
12 november, Zwolle

Pastoraal gesprek - nieuwe blended training

8 november, Dordrecht
1 november, Dieren
e-learning start in oktober

Nieuwe ambtsdragers - nieuwe blended training

14 november, Wieringen
12 november, Gouda
1 november, Veluwe
e-learning start in oktober

Scriba

31 oktober, Leeuwarden
17 november, provincie Utrecht

Landelijk Examen Kerkmuziek

3 november, Houten

Jeugdpastoraat

november, Benschop
datum nnb, interesse? mail naar pcte@protestantsekerk.nl

Pastoraat oude stijl

11 september, Bleiswijk

 

Trainingen voor professionals

Training

Startdatum

Homiletische en liturgische vorming (9 dagdelen)

5 september, Doorn

Training voor Mentoren (10 dagdelen)

18 september, Doorn

Presentatie voor voorgangers (5 dagdelen)

1 oktober, Doorn

De gemeente als gezin

2 oktober, Doorn

20180702%20Gemeente%20als%20gezin.jpg

 

Trainingen voor professionals en vrijwilligers in en rond de kerk

Training

Startdatum

Meditatie

17 september, Doorn

Meditatie en de geestelijke weg

23 oktober, Doorn

Zorg voor de ziel

11 februari 2019, Arnhem

Begeleiding van meditatie

12 februari 2019, Doorn